Executoriale verkoop aandelen door pandhouder en de blokkeringsregeling

Een pandhouder verkoopt de aandeel De gedeelten waarin het kapitaal van een BV of NV is verdeeld.
» Meer over aandeel
aandelen
van de pandgever omdat deze zijn financiële verplichtingen niet nakomt. Is hiervoor de wettelijke toestemming van de rechter nodig? Een tweede pandhouder vindt van niet, want die dreigt zijn pand door de executoriale verkoop te verliezen. Advocaat ondernemingsrecht Marco Guit geeft een toelichting op het oordeel van de Hoge Raad.

Vordering innen door verkoop verpande aandelen

Rabobank heeft vorderingen op A. A heeft voor de zekerheidsrecht Zakelijke rechten die strekken tot ter zekerheid van een vordering, zoals pand en hypotheek.
» Meer over zekerheidsrecht
zekerheid
van de bank een pandrecht Een pandrecht is een beperkt recht strekkende om op de daaraan onderworpen goederen een vordering tot voldoening van een geldsom bij voorrang boven andere schuldeisers te verhalen.
» Meer over pandrecht
pandrecht
gevestigd op haar aandelen in C. A en B hebben beiden 50% van de aandelen in C. Nadat A haar financiële verplichtingen richting Rabobank niet nakomt, wil de bank haar vordering op A innen door de verkoop van de verpande aandelen van A (recht van parate executie Recht om zonder tussenkomst van rechter een goed waarop een hypotheek- of pandrecht rust openbaar te verkopen om verhaal te halen op de opbrengst. 
» Meer over parate executie
parate executie
, artikel 3:248 BW). De statuten De statuten vermelden bij rechtspersonen met in aandelen vermeld kapitaal het bedrag van het maatschappelijk kapitaal en het soort, aantal en het bedrag van de aandelen. Voorts bevatten de statuten bepalingen over bestuur, aandeelhoudersvergadering, een eventuele raad van commissarissen, ontbinding en vereffening.
» Meer over statuten
statuten
van C bevatten een blokkeringsregeling. Deze regeling houdt in dat bij het voornemen tot verkoop van de aandelen, deze eerst moeten worden aangeboden aan B.

Verzoek onderhandse verkoop aandelen

B wil de aandelen wel overnemen, maar alleen in het kader van een executieverkoop, want dan vervalt het tweede pandrecht dat Bethanie op de aandelen van A in C heeft. Om deze onderhandse verkoop mogelijk te maken is toestemming van de rechter vereist (artikel 3:251 BW), aangezien dit afwijkt van de in 3:250 BW gestelde openbare verkoop. De voorzieningen-rechter wijst het verzoek om toestemming voor de verkoop af, omdat geen goedkeuring nodig is voor een verkoop waarbij rekening wordt gehouden met de blokkeringsregeling.

Toestemming executoriale verkoop

De advocaat Een jurist die rechtsbijstand verleent en cliënten vertegenwoordigt in rechtszaken.
» Meer over advocaat
advocaat
van de bank gaat in hoger beroep Ons burgerlijk procesrecht kent het beginsel dat er onderzocht wordt in twee instanties: een ieder heeft het recht op een nieuwe behandeling van de zaak door een hogere rechter.
» Meer over hoger beroep
hoger beroep
. Volgens het hof gaan de regels van de blokkeringsregeling (2:195 BW e.v.) vóór de algemene regels over de verkoop van een pandrecht (3:250 BW e.v.). Omdat de onderhandse verkoop (waarschijnlijk) geen zuiverende werking heeft, zal het tweede pandrecht van Bethanie na de verkoop blijven bestaan. Om onduidelijkheid te voorkomen en de zuiverende werking te garanderen, is de toestemming van artikel 3:251 BW vereist. Het hof verleent vervolgens toestemming voor de afwijkende verkoop.

Advocaat in cassatie ondanks rechtsmiddelenverbod

Bethanie raakt door de toestemming van de rechter haar tweede pandrecht kwijt en de advocaat van Bethanie gaat in cassatie Het beroep dat tegen een arrest van het Hof kan worden ingesteld bij de Hoge Raad
» Meer over cassatie
cassatie
bij de Hoge Raad. Ondanks dat dit tegen een gegeven toestemming van artikel 3:251 lid 1 BW niet mogelijk is, schuift de Hoge Raad het rechtsmiddelenverbod hier opzij. In de rechtspraak zijn namelijk doorbrekingsgronden ontwikkelt. Een van die gronden gaat over het ten onrechte toepassen van een bepaling. Dit is precies waarover Bethanie klaagt.

Algemene regels executie ook bij blokkeringsregeling

De advocaat van Bethanie stelt dat de blokkeringsregeling een speciale regeling is waarop de algemene regels over de verkoop niet van toepassing zijn. Haar tweede pandrecht op de aandelen zou bij de verkoop dus moeten blijven bestaan. De Hoge Raad is het hier niet mee eens. De algemene regels over openbare verkoop zijn er ter bescherming van de pandgever en eventueel andere schuldeisers. Er kunnen goede redenen zijn om van deze algemene regels af te wijken, hiervoor is echter toestemming van de rechter vereist (artikel 3:251 lid 1 BW).

Bescherming belangen niet door pandhouder

Als de blokkeringsregeling een speciale regeling zou zijn waarop de algemene beschermende regels niet van toepassing zouden zijn, dan zou bij de verkoop volgens een blokkeringsregeling de executerende pandhouder zelf moeten beoordelen of de belangen van de pandgever en andere schuldeisers voldoende zijn gewaarborgd. Dit staat haaks op de bescherming die de wet probeert te bieden. Het hof heeft artikel 3:251 lid 1 BW dus terecht toegepast, zij het met een andere motivatie.

Meer in Ondernemingsrecht
Disculpatiegronden, wanneer kan een bestuurder zich erop beroepen?
Onder bestuursaansprakelijkheid uitkomen op disculpatiegronden, hoe zit dat?

Het bestuur van een rechtspersoon dat de taak om te besturen niet behoorlijk vervult kan in privé aansprakelijk worden gehouden...

Sluiten