Tien klassieke uitspraken over aansprakelijkheid – nummer 4: Tandartsen

In de loop der jaren deed de Hoge Raad veel baanbrekende uitspraken binnen het altijd ontwikkelende aansprakelijkheidsrecht. Advocaat aansprakelijkheidsrecht Lennard Noordzij behandelt tien van deze (oudere) uitspraken. Eerder besprak hij (1) “Duwbak Linda”, (2) “Kleuterschool Babbel” en (3) “Poot/ABP”. Hieronder behandelt hij het arrest “Tandartsen” uit 1958 (HR 17 januari 1958, NJ 1961/568). In deze zaak oordeelt de Hoge Raad over de vraag of een onbevoegde tandarts tegenover gediplomeerde tandartsen aansprakelijk is op grond van onrechtmatige daad Onrechtmatig handelen leidt tot aansprakelijkheid. In sommige gevallen geeft de wet aan dat een derde aansprakelijk is voor door een ander veroorzaakte schade.
» Meer over onrechtmatige daad
onrechtmatige daad
.

Feiten

Dorenbos werkt in Tilburg als tandarts zonder dat hij daarvoor een diploma heeft. Ondanks dat Dorenbos meerdere keren strafrechtelijk veroordeeld is voor “onbevoegde uitoefening der geneeskunst” (artikel 436 Wetboek van Strafrecht), blijft hij in Tilburg werken als tandarts. Andere tandartsen uit de omgeving (Beukers c.s.) starten daarom een procedure tegen Dorenbos. Zij vorderen dat Dorenbos zal worden veroordeeld tot vergoeding van een (symbolische) schade van ƒ 1,- en tot staking van alle tandheelkundige handelingen op verbeurte van een dwangsom De veroordeling om een geldsom te betalen wegens het niet voldoen aan een vonnis.
» Meer over dwangsom
dwangsom
.

Onrechtmatige daad

Beukers c.s. baseert zich onder meer op onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). Dat artikel bepaalt dat hij die tegen een ander een onrechtmatige daad pleegt, verplicht is de schade te vergoeden die de ander daardoor lijdt. Voor schadevergoeding op deze grond moet aan vijf eisen zijn voldaan: onrechtmatigheid, toerekenbaarheid, schade, causaliteit en relativiteit. Deze zaak gaat allereerst over onrechtmatigheid. Er zijn drie zelfstandige gronden§ waarop een bepaalde schadeveroorzakende gedraging als onrechtmatig Ieder handelen of nalaten dat in strijd is met een wet of met de maatschappelijke betamelijkheid.
» Meer over onrechtmatig
onrechtmatig
kan worden aangemerkt: (i) een inbreuk op een recht, (ii) een doen of een nalaten in strijd met een wettelijke plicht of (iii) een doen of nalaten in strijd met een maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm.

Relativiteit

Ten tweede gaat deze zaak over het vereiste relativiteit (artikel 6:163 BW). Dat houdt in – zie ook het al besproken arrest “Duwbak Linda” – dat voor Dorenbos geen verplichting tot schadevergoeding aan Beukers c.s. bestaat, wanneer de door hem geschonden norm niet strekt tot bescherming tegen de schade zoals Beukers c.s. die leed. Het relativiteitsvereiste perkt dus de aansprakelijkheid De gehoudenheid van een persoon of bedrijf om schade ontstaan uit een onrechtmatige daad of wanprestatie te vergoeden.
» Meer over aansprakelijkheid
aansprakelijkheid
in. Stel dat iedereen die een regel overtreedt steeds aansprakelijk zou zijn tegenover alle personen die op een of andere manier daardoor indirect schade zouden lijden, dan zou de onrechtmatige daad onhanteerbaar worden. Vraag in deze zaak was dus vooral of Dorenbos door overtreding van het wetsartikel 436 Wetboek van Strafrecht – een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht – ook aansprakelijk werd tegenover de bevoegde tandartsen uit Tilburg. Dat wetsartikel heeft namelijk tot doel de bescherming van de volksgezondheid. Niet de bescherming van financiële schade van bevoegde tandartsen.

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad geeft de gediplomeerde tandartsen gelijk. Hij oordeelt echter wel dat artikel 436 Wetboek van Strafrecht niet door Beukers c.s. kan worden ingeroepen. Dat artikel beschermt volgens de Hoge Raad niet de belangen van Beukers c.s. De onbevoegde tandarts overtreedt volgens de Hoge Raad echter een zorgvuldigheidsnorm (sub (iii) van de onrechtmatigheidscategorieën hierboven) tegenover Beukers c.s. Dit omdat zij een tijdrovende en kostbare studie (tandheelkunde) hebben volbracht. Daarom heeft Beukers c.s. er economisch belang bij dat concurrenten diezelfde opleidingsverplichtingen volbrengen. Dat deed Dorenbos niet. Dat Dorenbos artikel 436 Wetboek van Strafrecht overtreedt (sub (ii) van de onrechtmatigheidscategorieën hierboven) sluit echter volgens de Hoge Raad niet uit dat Dorenbos een zorgvuldigheidsnorm schond tegenover Beukers c.s. (categorie sub (iii)). Sterker nog, die overtreding van een wettelijke plicht kan volgens de Hoge Raad worden meegenomen in de beoordeling of ook een zorgvuldigheidsnorm is overtreden.

More in Aansprakelijkheidsrecht
tennishallen leveren een geschil op
Tien klassieke uitspraken over aansprakelijkheid – nummer 3: Poot/ABP (afgeleide schade)

In de loop der jaren deed de Hoge Raad veel baanbrekende uitspraken binnen het altijd ontwikkelende aansprakelijkheidsrecht. Advocaat aansprakelijkheidsrecht Lennard...

Close