Geen redelijk belang meer bij recht van overpad? Opheffing erfdienstbaarheid mogelijk

Door Heleen Ceelen in Vastgoedrecht op 3 minuten leestijd

Geen redelijk belang meer bij recht van overpad? Opheffing erfdienstbaarheid mogelijk

In een recente uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland besloot de rechtbank na een bezoek ter plaatse en afweging van de belangen van partijen tot opheffing van een erfdienstbaarheid. Advocaat vastgoedrecht Heleen Ceelen bespreekt hierna kort aan de hand van deze uitspraak de gang van zaken bij zo’n dergelijk verzoek tot opheffing.

 

 

Erfdienstbaarheid opheffen

Een erfdienstbaarheid is een last, waarmee een onroerende zaak Onroerend zaken zijn o.m. de grond en gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd.
» Meer over onroerende zaak
onroerende zaak
ten behoeve van een andere onroerende zaak is bezwaard. Het bekendste voorbeeld van een erfdienstbaarheid is het recht van overpad; het recht om van andermans grond gebruik te mogen maken. Een rechter heeft over het algemeen de bevoegdheid de erfdienstbaarheid op vordering van een eigenaar van het dienende erf te wijzigingen of op te heffen, of op vordering van de eigenaar van het heersende erf te wijzigingen. Een rechter dient daarbij wel terughoudendheid te betrachten en een belangenafweging toe te passen.

Nieuwe uitweg: opheffing erfdienstbaarheid

In een recente zaak van de rechtbank Midden-Nederland was in 1984 een erfdienstbaarheid gevestigd ten behoeve van perceel B (het heersende erf) dat achter perceel A (het dienende erf) lag. Vanaf perceel B kon in die tijd enkel de openbare weg worden bereikt via het pad dat direct langs de woning op perceel A lag. In de jaren daarna kreeg perceel B een nieuwe eigenaar, welke tevens aangrenzende stukken grond kocht. Op één van de nieuwe percelen werd een mandelige weg (gemeenschappelijk eigendom Het het meest omvattende recht dat men op een zaak kan hebben. Eigendom is het recht om over een zaak (stuk grond, voorwerp, hoeveelheid geld enz.) naar eigen goeddunken te beschikken.
» Meer over eigendom
eigendom
) geconstrueerd, waarbij een tweede erfdienstbaarheid met een derde werd overeengekomen, waardoor via deze nieuwe uitweg perceel B ook kon worden bereikt. De eigenaar van perceel A vorderde vervolgens opheffing van de (eerste) in 1984 gevestigde erfdienstbaarheid. eiser De partij die gedagvaard wordt om te verschijnen in een rechtszaak wordt aangeduid als de gedaagde. Dit in tegenstelling tot de eiser, de partij die het initiatief tot de rechtszaak heeft genomen en daartoe door een gerechtsdeurwaarder een dagvaarding heeft laten betekenen aan de gedaagde.
» Meer over eiser
Eiser
legde aan zijn vordering ten grondslag dat er sprake was van een inbreuk op zijn eigendomsrecht, hij niet vrijelijk over zijn inrit kon beschikken, zijn perceel niet kon omheinen, zijn privacy ernstig werd geschonden en er voor zijn buurman inmiddels een alternatieve wijze was ontstaan om perceel B te bereiken.

Oordeel rechtbank: geen redelijk belang

Tijdens een bezichtiging van de situatie ter plekke (een descente) stelde de rechter vast dat er sprake was van schending van de privacy van de bewoners van perceel A en dat eiser zijn perceel door de erfdienstbaarheid niet volledig kon benutten. Het doel van de erfdienstbaarheid was het verschaffen van een uitweg aan perceel B, die ontbrak. Inmiddels was er echter een andere zelfstandige uitweg gerealiseerd. Hoewel eis in reconventie Een gedaagde in een dagvaardingsprocedure is bevoegd een tegenvordering in te stellen. Dit wordt een eis in reconventie of tegeneis genoemd.
» Meer over eis in reconventie
gedaagde
zich verweerde met een beroep op de (extra) kosten die hij had moeten maken bij aankoop van het perceel, het feit dat hij nu een ronde kon rijden en perceel A door deze ronde juist werd ontlast en een waardedaling van zijn perceel het gevolg zou zijn van opheffing werd door de rechter gepasseerd. De rechtbank oordeelde dat nu de absolute noodzaak die aan het recht op uitweg en de (eerste) erfdienstbaarheid ten grondslag ligt niet meer aanwezig is, ook van aanwezigheid van een redelijk belang voor behoud van de erfdienstbaarheid geen sprake is. De erfdienstbaarheid wordt door de rechter dan ook opgeheven.

AMS: uw advocaat gespecialiseerd in erfdienstbaarheid

AMS Advocaten heeft veel ervaring in het adviseren en procederen op het gebied van het vastgoed- en verbintenissenrecht, waaronder met betrekking tot erfdienstbaarheden. Onze vastgoedrecht advocaten zijn sterk betrokken bij de zaken van hun cliënten, werken met korte lijnen en bieden scherpe tarieven.

Blijf op de hoogte: de nieuwsbrief van AMS Advocaten

Elke maand de best gelezen blogs in een overzichtelijke e-mail ontvangen? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Gratis en vrijblijvend uiteraard!
  • * = verplicht veld
  • Heleen Ceelen - Advocatenkantoor AMS Advocaten
    Heleen Ceelen

    Heleen Ceelen adviseert en procedeert met name op het gebied van het ondernemingsrecht, insolventierecht, arbeidsrecht, verbintenissenrecht en incasso. Volg Heleen ook op Google of LinkedIn.

    Heleen is bereikbaar via e-mail en +31 (0)20-3080315.
    Volg ons op social media
    Ontvang onze nieuwsbrief
    Elke maand de best gelezen blogs in een overzichtelijke e-mail ontvangen?
    Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
  • * = verplicht veld
  • Categorieën
    Meer in Vastgoedrecht
    Belemmeringsverbod bij detachering
    Beroep op nietigheid VvE-besluit kan niet altijd

    Een besluit dat strijdig is met de splitsingsakte van een Vereniging van Eigenaars (VvE) is nietig. In bijzondere omstandigheden kan...

    Sluiten