Ex-topvolleyballer claimt achtergesteld loon met succes

Een werkgever kan met een werknemer overeenkomen om het genieten van periodiek loon uit te stellen naar een later tijdstip. Dit betekent dat een werknemer pas in de toekomst recht heeft op zijn loon. Maar dat het belangrijk is om de voorwaarden van dergelijke afspraken helder te formuleren, blijkt uit de recente uitspraak van de kantonrechter Groningen. Arbeidsrecht advocaat Manon van den Brand legt uit.

Afspraak over uitgestelde betalingsverplichting

De werknemer was tot en met het seizoen 2010/2011 in dienst bij werkgever Stichting Topvolleybal Groningen (STG). Nadat de arbeidsovereenkomst De overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten.
» Meer over arbeidsovereenkomst
arbeidsovereenkomst
na dit seizoen afliep, hebben partijen geen nieuwe schriftelijke arbeidsovereenkomst met elkaar gesloten. Maar gedurende de seizoenen 2011/2012 en 2012/2013 zette de werknemer wel zijn werkzaamheden als trainer/coach voort. In dit kader spraken partijen met elkaar af dat STG pas op een later tijdstip over zou gaan tot het uitbetalen van het loon, zonder daaraan een concrete termijn te verbinden.

Handelende bestuurders wel bevoegd

STG stelt dat deze gemaakte betalingsafspraak nietig is, omdat de bestuurders die deze afspraak maakten niet bevoegd zijn bindende afspraken te maken. In de statuten De statuten vermelden bij rechtspersonen met in aandelen vermeld kapitaal het bedrag van het maatschappelijk kapitaal en het soort, aantal en het bedrag van de aandelen. Voorts bevatten de statuten bepalingen over bestuur, aandeelhoudersvergadering, een eventuele raad van commissarissen, ontbinding en vereffening.
» Meer over statuten
statuten
van STG staat dat alleen het bestuur gezamenlijk bevoegd is deze besluiten te nemen of dat de bestuurders daartoe gemachtigd hadden moeten worden. Dit is niet gebeurd. De werknemer stelt dat hij deze regeling niet kent en voert aan dat de handelende bestuurders in ieder geval de schijn hebben gewekt dat zij samen wel vertegenwoordigingsbevoegd waren, temeer omdat voor alle bestuursleden duidelijk was dat hij na het seizoen 2010/2011 aanbleef als trainer/coach en de bestuursleden hier nimmer vragen over hebben gesteld. De kantonrechter gaat mee in het verweer van de werknemer.

De handelende bestuurders hebben bovendien ter zitting verklaard dat het voltallige bestuur wel degelijk bekend was met de afspraken ter zake de uitgestelde loonbetaling.

Betalingsverplichting zelf is niet nietig c.q. vernietigbaarheid

In het verlengde meent de kantonrechter dat STG ten onrechte stelt dat zij geen loon zou hoeven te betalen, omdat deze afspraak in strijd is met de wet en de goede zeden. Een eventuele nietigheid of vernietigbaarheid zou namelijk enkel zien op de uitgestelde betalingsverplichting en niet op de betalingsverplichting zelf.

Werknemer enkel recht op loon bij nieuwe positie binnen STG

Daarnaast voert STG aan dat zij de betalingen aan de werknemer uitstelde onder de voorwaarde dat die betalingen zouden plaatsvinden op het moment dat de werknemer een andere, technische of commerciële functie, binnen STG zou gaan verrichten. Deze voorwaarde is niet vervuld, waardoor de betalingsverplichting is komen te vervallen, aldus STG. Ook dit standpunt wordt verworpen. STG heeft onvoldoende onderbouwd dat partijen aan de uitgestelde betalingsverplichting een voorwaarde zouden hebben verbonden.

Onkostenvergoeding mag niet worden verrekend

De kantonrechter oordeelt dat de reeds door STG betaalde onkostenvergoeding niet in mindering mag worden gebracht op het verschuldigde loon. Uit een overgelegde e-mail blijkt immers dat partijen hadden afgesproken dat STG slechts zou kunnen verrekenen, indien de werknemer op de payroll zou staan. Dit is niet het geval. Uit de door STG overgelegde specificaties, blijkt immers dat zij enkel vergoedingen van onder meer telefoon- en reiskosten heeft betaald. Nergens wordt gesproken over ‘inkomsten’. Bovendien blijkt uit de eerdere arbeidsovereenkomst van de werknemer dat hij voorheen, naast zijn loon, ook recht had op vergoeding van kosten die verband hielden met zijn functie.

Geen recht op de wettelijke verhoging, maar wel de wettelijke rente

Tot slot is de kantonrechter van mening dat er is voldaan aan alle kernvoorwaarden van een arbeidsovereenkomst. Het is genoegzaam komen vast te staan dat de werknemer voor het door hem verrichte werk betaald zou worden en dat er dus in feite sprake was van voortzetting van de arbeidsovereenkomst. Dat deze arbeidsovereenkomst niet op papier is gezet, doet daar niet aan af. Bovendien gaat de kantonrechter ervan uit dat er ook na het seizoen 2010/2011 sprake was van een gezagsverhouding De ondergeschiktheid van de werknemer ten opzichte van de werkgever.
» Meer over gezagsverhouding
gezagsverhouding
, nu niet anders is gesteld en evenmin is gebleken.

Geen recht op wettelijke verhoging

Maar de werknemer heeft geen recht op de wettelijke verhoging over het gevorderde loon. Een werkgever is pas verplicht de wettelijke verhoging te betalen, indien hij het loon na afloop van de termijn waarover het loon volgens de arbeidsovereenkomst is verschuldigd, niet (volledig) heeft betaald. In dit geval hebben partijen geen afspraken gemaakt over het moment waarop het loon verschuldigd was. Sterker nog, partijen spraken expliciet af dat dit moment in de toekomst zou liggen. Er kan dan ook niet gesproken worden van een niet tijdige betaling waardoor de kantonrechter deze vordering afwijst. De kantonrechter wijst de wettelijke rente wel toe. STG verkeerde immers in verzuim De situatie dat, en de periode waarin een schuldenaar nalaat een opeisbare prestatie te verrichten.
» Meer over verzuim
verzuim
nadat zij niet binnen de gestelde termijn betaalde.

Meer in Arbeidsrecht
Ontslag op staande voet geven luistert nauw

Ontslag op staande voet is de gangbare term voor een opzegging waarbij de arbeidsovereenkomst per direct wordt beëindigd. Meestal is...

Sluiten