Afwijzing faillissementsaanvraag bij niet-onherroepelijk dwangbevel?

Door Mariëlle de Wild in Incasso op 2 minuten leestijd

Afwijzing faillissementsaanvraag bij niet-onherroepelijk dwangbevel?

Als een schuldeiser het faillissement aanvraagt van zijn schuldenaar moet bij de behandeling van dat verzoek niet alleen blijken dat er is opgehouden met betalen, maar moet ook blijken dat de aanvrager van het faillissement een vorderingsrecht heeft. De vordering(en) op de schuldenaar moeten na een kort en eenvoudig onderzoek tijdens de zitting met voldoende zekerheidsrecht Zakelijke rechten die strekken tot ter zekerheid van een vordering, zoals pand en hypotheek.
» Meer over zekerheidsrecht
zekerheid
vast komen te staan. Mariëlle de Wild zal aan de hand van een uitspraak dieper in gaan op de vraag of bij een niet-onherroepelijk dwangbevel summierlijk is gebleken van het bestaan van een vorderingsrecht.

Schuldenaar maakt bezwaar tegen dwangbevelen

In deze zaak heeft de Staat voor de terugvordering van door haar onverschuldigd betaalde subsidies, dwangbevelen uitgevaardigd. Deze dwangbevelen leveren executoriale titels op, waardoor het voor de schuldeiser mogelijk is om zonder Tussenkomst Wanneer een derde een zelfstandige procespartij wil innemen in een reeds aanhangig geschil.
» Meer over tussenkomst
tussenkomst
van een rechter, en door inschakeling van een deurwaarder, betaling van de vordering af te dwingen. Tegen deze dwangbevelen heeft de schuldenaar tijdig bezwaar gemaakt. En nadat het bezwaar ongegrond was verklaard, is schuldenaar in beroep gegaan bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb).

Afwijzing faillissementsaanvraag ondanks executoriale titels

Gedurende de procedure bij het CBb vraagt de Staat het faillissement aan, stellende dat zij een opeisbare vordering op de schuldenaar heeft uit hoofde van onverschuldigd betaalde subsidies. De rechtbank is echter van mening dat het feit dat de Staat beschikt over executoriale titels er in deze zaak niet toe leidt dat de vordering voldoende is komen vast te staan. De rechtbank komt tot haar oordeel door te overwegen dat er nog geen uitspraak was gedaan door het CBb, en de executoriale titels dus nog door geen enkele rechter definitief zijn bevestigd of getoetst. Daarmee is de vordering van de Staat nog niet onherroepelijk vast komen te staan en ziet de rechtbank zich daarom genoodzaakt de faillissementsaanvraag af te wijzen.

Dwangbevel betekent niet automatisch een vorderingsrecht

Conclusie is dus dat ondanks dat een executoriale titel normaal gesproken voldoende is om het bestaan van een vorderingrecht aan te tonen, omdat deze is verkregen nadat een onafhankelijke rechter naar de zaak heeft gekeken, dat dit niet het geval is bij een dwangbevel, omdat deze wordt uitgevaardigd door het overheidsorgaan dat de vordering heeft.

Blijf op de hoogte: de nieuwsbrief van AMS Advocaten

Elke maand de best gelezen blogs in een overzichtelijke e-mail ontvangen? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Gratis en vrijblijvend uiteraard!
  • * = verplicht veld
  • Mariëlle de Wild - Advocatenkantoor AMS Advocaten
    Mariëlle de Wild Mariëlle heeft haar bachelor Rechten in Groningen behaald. Tijdens haar studie is zij actief geweest als juridisch medewerker bij de Rechtswinkel. Bij AMS Advocaten is zij in november 2016 gestart als juridisch medewerker. In 2017 zal Mariëlle beëdigd worden en toetreden tot ons advocatenteam. Mariëlle heeft een brede interesse en assisteert de advocaten op het gebied van insolventierecht, verbintenissenrecht en ondernemingsrecht.

    Mariëlle is bereikbaar via e-mail en +31 (0)20-3080315.
    Volg ons op social media
    Ontvang onze nieuwsbrief
    Elke maand de best gelezen blogs in een overzichtelijke e-mail ontvangen?
    Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
  • * = verplicht veld
  • Categorieën
    Meer in Incasso
    Advocaat Insolventierecht - Bestuurder failliete BV aansprakelijk aangaan overeenkomst
    Pandrecht op vordering teniet gegaan door inning eerste pandhouder?

    Het komt regelmatig voor dat eenzelfde goed meermalen wordt verpand. De eerste pandhouder heeft dan voorrang boven de tweede pandhouder....

    Sluiten