Mag een werkgever het loon stopzetten als de werknemer niet meewerkt aan re-integratie?

Gedurende de ziekteperiode van een werknemer, rusten er zowel op werkgever als werknemer re-integratieverplichtingen. Een van die verplichtingen is het meewerken aan een tweede-spoortraject. Op het moment dat duidelijk wordt dat de werknemer het eigen werk niet meer kan verrichten of bij de eigen werkgever geen passend werk voorhanden is, dan dienen werkgever en werknemer op zoek te gaan naar passend werk bij een andere werkgever (‘het tweede-spoortraject’). Uiterlijk zes weken na de eerstejaarsevaluatie dient zo’n tweede-spoortraject opgestart te worden. Maar wat nu als de de werknemer niet, althans onvoldoende, meewerkt aan een tweede-spoortraject? Mag een werkgever dan een loonsanctie toepassen? Arbeidsrecht-advocaat Manon van den Brand bespreekt een recent arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Ziekmelding

Op 1 juli 2009 trad de werkneemster in dienst bij Kondar in de functie van belastingmedewerkster. Kondar is een landelijk werkend detacheringsbureau. De werkneemster meldde zich op 23 september 2016 ziek.

Loonstop

Over de periode 1 juli 2018 tot 23 september 2018 heeft Kondar een loonsanctie toegepast door 50% van het loon niet te betalen aan de werkneemster. De werkneemster was het daar niet mee eens en stapte naar de rechter.

Hoger beroep

In eerste aanleg kreeg de werkneemster volledig ongelijk. Zij stelde hoger beroep Ons burgerlijk procesrecht kent het beginsel dat er onderzocht wordt in twee instanties: een ieder heeft het recht op een nieuwe behandeling van de zaak door een hogere rechter.
» Meer over hoger beroep
hoger beroep
in.

Tweede-spoorbureau ingeschakeld

Het hof stelt allereerst de feiten met betrekking tot het re-integratieverloop vast. De werkneemster had in het eerste ziektejaar geen re-integratiemogelijkheden. Na afloop van het eerste ziektejaar adviseerde de arbeidsdeskundige om een re-integratiebureau in te schakelen voor begeleiding naar passend werk bij een andere werkgever (tweede-spoortraject). Kondar schakelde hiervoor Oxhill7 in. Oxhill7 schreef in zijn eindrapportage dat de werkneemster gedurende een korte tijd niet had meegewerkt aan het re-integratietraject, maar dat zij nadat de loonsanctie was opgeheven haar re-integratieverplichtingen weer had opgepakt.

Waarschuwing geven voorafgaand aan loonsanctie

Vervolgens overweegt het hof dat een werknemer eerst schriftelijk gewaarschuwd moet worden voordat een loonstop of loonopschorting Het uitstellen van loonbetaling als pressiemiddel van een werkgever om een werknemer ergens toe te bewegen.
» Meer over loonopschorting
loonopschorting
mag worden opgelegd. Kondar had op 9 juli 2018 een waarschuwing gegeven voor het geval de werkneemster niet zou meewerken aan het tweede-spoortraject met Oxhill7. Vervolgens pakte de werkneemster op 6 augustus 2018 de draad weer op met Oxhill7. Met uitzondering van de vakantieperiode verrichtte de werkneemster vanaf die dag tot en met 21 september 2018 weer sollicitatieactiviteiten.

Loonstop alleen geldig over de periode 9 juli tot 6 augustus

Naar het oordeel van het hof had Kondar alleen over de periode 9 juli 2018 tot 6 augustus 2018 een loonstop mogen toepassen. Dit betekent dat er over de periode 1 juli tot 9 juli 2018 geen loonstop toegepast had mogen worden door Kondar. Immers, pas op 9 juli 2018 verzond Kondar een schriftelijke waarschuwing aan de werkneemster dat hij het loon ging stopzetten als zij niet meewerkte aan re-integratie. Ook over de periode na 6 augustus 2018 had het loon niet stopgezet mogen worden. Vanaf dat moment verrichtte de werkneemster namelijk weer re-integratieactiviteiten.

Het hof oordeelt dat de loonstop over de periode 9 juli tot 6 augustus 2018 wel terecht is. De werkneemster voldeed in die periode niet aan haar re-integratieverplichtingen door geen gehoor te geven aan de door Oxhill7 gegeven re-integratie-instructies. De door de werkneemster opgegeven reden sneed geen hout volgens het hof. De bedrijfsarts had namelijk niet geoordeeld dat de werkneemster – zoals zij meende – volledig arbeidsgeschikt was voor haar eigen werk bij Kondar. De mening van de werkneemster veranderde daar niets aan. Het is immers de bedrijfsarts die oordeelt of een werknemer al dan niet geschikt is voor het verrichten van het eigen werk of passend werk.

Loonvordering

Kortom: het hof veroordeelt Kondar in betaling van het achterstallige brutosalaris over de periode 1 juli tot en met 22 september 2018, met uitzondering van nog onbetaald loon over de periode 9 juli 2018 tot 6 augustus 2018.

Meer in Arbeidsrecht
snijden als beroep
Werknemer komt onder een snijmachine terecht; is de werkgever aansprakelijk?

Op grond van artikel 7:658 lid 1 BW dient de werkgever zorg te dragen voor een veilige werkplek. Ook dient...

Sluiten