Opzegging lidmaatschap door het bestuur van een vereniging

Bijna iedere Nederlander is wel lid van een vereniging; of het nu gaat om een sportvereniging, een carnavalsvereniging of een politieke partij. Het lidmaatschap eindigt vaak door uitschrijving, maar komt soms ook op een andere manier tot een einde. Wanneer het bestuur het lidmaatschap opzegt of een lid ontzet (ook royeren genoemd), dan zorgt dit vaak voor geschillen. Deze blog bespreekt de mogelijkheid voor het bestuur om het lidmaatschap op te zeggen en de manieren waarop een lid tegen een opzegging op kan komen.

Het bestuur is bevoegd tot opzegging

De opzegging is geregeld in artikel 2:35 BW. De bevoegdheid om het lidmaatschap van een lid op te zeggen ligt bij het bestuur van de vereniging, tenzij de statuten De statuten vermelden bij rechtspersonen met in aandelen vermeld kapitaal het bedrag van het maatschappelijk kapitaal en het soort, aantal en het bedrag van de aandelen. Voorts bevatten de statuten bepalingen over bestuur, aandeelhoudersvergadering, een eventuele raad van commissarissen, ontbinding en vereffening.
» Meer over statuten
statuten
anders bepalen. Het bestuur kan het lidmaatschap alleen opzeggen in de door wet of statuten genoemde gevallen. Vaak wordt er in statuten aangesloten bij de wettelijke opzeggingsgronden, maar het is dus van belang de statuten er goed op na te slaan.

Wettelijke gronden voor opzegging

De wet noemt als gronden voor opzegging door de vereniging:

  1. de gevallen in de statuten genoemd;
  2. de omstandigheid dat het lid heeft opgehouden aan de statutaire vereisten van het lidmaatschap te voldoen, en
  3. de omstandigheid dat redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren.

Soms is het duidelijk dat een lid in strijd met de statuten of (als die er zijn) de reglementen heeft gehandeld en kan het bestuur gebruik maken van een van de eerste twee gronden. Als dat niet het geval is, dan is met name de laatste grond van belang.

‘Dat redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren’ betekent dat sprake moet zijn van zwaarwegende redenen, waarbij het begrip ‘redelijkerwijs’ restrictief (terughoudend) moet worden uitgelegd. Er moet dus echt sprake zijn van ernstige misdragingen van het lid. Als dat het geval is, dan is het vaak ook mogelijk om tot ontzetting (royeren) over te gaan. Het bestuur dient er in ieder geval voor te waken dat zij geen misbruik maakt van haar opzeggingsbevoegdheid.

Hoe kan het lid opkomen tegen het besluit?

Vaak is er in de statuten opgenomen dat een lid kan opkomen tegen het opzeggingsbesluit en (net als bij ontzetting) in beroep kan bij een orgaan van de vereniging, vaak de algemene ledenvergadering. Een wettelijk recht om in beroep te gaan, is er echter bij opzegging niet.

Een lid aan wie het lidmaatschap is opgezegd, kan tegen dat besluit in ieder geval opkomen voor de rechter op grond van art. 2:14 of 2:15 BW.

Toets door de rechter

De rechter zal dan beoordelen of het bestuursbesluit Een bestuursbesluit is een besluit genomen door het bestuur van een rechtspersoon. 
» Meer over bestuursbesluit
bestuursbesluit
tot opzegging moet worden vernietigd wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid Een bron van ongeschreven objectief recht waaraan mensen zich moeten gedragen jegens elkaar.
» Meer over redelijkheid en billijkheid
redelijkheid en billijkheid
die door artikel 2:8 BW worden geëist. Dit artikel bepaalt dat de betrokkenen bij de vereniging zich jegens elkaar in redelijkheid en billijkheid verhouden.

De rechter zal bij de afweging of het besluit moet worden vernietigd de beleidsaspecten van het besluit slechts marginaal toetsen. Dit neemt niet weg dat, wanneer een vereniging het lidmaatschap opzegt van een lid omdat zij meent dat van haar redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, de rechter een grotere vrijheid heeft bij de beoordeling van de rechtmatigheid van de opzegging dan wanneer er een opzegging is wegens een in de statuten genoemd geval of wegens het niet meer voldoen aan de statutaire lidmaatschapsvereisten.

De rechter zal in zijn beoordeling alle relevante omstandigheden in ogenschouw nemen, waaronder – niet onbelangrijk – de duur van het lidmaatschap en de verdiensten voor de vereniging. De vernietiging van een opzeggingsbesluit moet in een gewone bodemprocedure De gerechtelijke procedure waarin een geschil definitief wordt beslist.
» Meer over bodemprocedure
bodemprocedure
worden gevorderd, maar het is ook mogelijk om in een kort geding procedure schorsing van het besluit vooruitlopend op de vernietiging te vorderen.

Advies

Of een besluit tot opzegging stand zal houden verschilt van geval tot geval. Aan de hand van eerdere uitspraken in vergelijkbare situaties kan bekeken worden wat de kans van slagen is om een besluit met succes aan te vechten.

More in Ondernemingsrecht
Het einde van het jaar is in zicht, vergeet niet uw jaarrekening 2020 tijdig te deponeren

Het einde van het jaar komt in zicht en dat betekent dat ook de uiterste datum waarop uw jaarrekening 2020...

Close