Huurbeding

Huurbeding

Huurbeding in hypotheekakte

Als een hypotheekakte een bepaling bevat dat de eigenaar van een woning of bedrijfsruimte alléén mag verhuren met toestemming van de hypotheekhouder (de bank), dan is er sprake van een zogenoemd huurbeding. Het huurbeding is geregeld in artikel 264 van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Het huurbeding ontneemt de eigenaar van een woning of bedrijfsruimte dus de bevoegdheid om zonder toestemming van de hypotheekhouder te verhuren.

Huurbeding wordt ingeroepen

Het huurbeding kan ingeroepen worden door de hypotheekhouder zelf of door de veilingkoper. Het huurbeding kan worden ingeroepen tegen de latere verkrijgers van de betreffende ruimte of tegen de huurder(s). Het huurbeding vormt dus een vergaande uitzondering op de bescherming van de huurder. Het huurbeding heeft de bedoeling te voorkomen dat een hypotheekhouder in geval van een executieveiling (openbare verkoop) nadeel lijdt. De verkoop van een verhuurde ruimte levert, zeker als het gaat om een woning, immers meestal minder op.

Advocaat huurrecht Amsterdam

Voor zowel huurder als verhuurder is het in dit soort situaties belangrijk dat tijdig en op de juiste manier voldaan wordt aan de procedurele eisen die de wet stelt. Een advocaat huurrecht kan uitkomst bieden in kwesties waarin het huurbeding een rol speelt. De AMS Advocaat staat zowel huurder als verhuurder bij. Neem gerust contact met ons op voor een gratis en vrijblijvend gesprek.

Volg ons op social media De rechtsgebieden
Ontvang onze nieuwsbrief
Elke maand de best gelezen blogs in een overzichtelijke e-mail ontvangen?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!
  • * = verplicht veld