Arbitrage in de bouw

Bouwgeschillen en arbitrage

Veel bouwgeschillen worden afgedaan middels arbitrage. Arbitrage is een particuliere vorm van rechtspraak waarbij een onpartijdige arbiter of arbiters een bindende uitspraak doet over het betreffende geschil. De uitspraak heet een arbitraal vonnis en heeft dezelfde rechtskracht als een vonnis van de gewone (burgerlijke) rechter.

Waarom arbitrage?

De belangrijkste reden waarvoor veel partijen binnen de bouw kiezen voor arbitrage is de mogelijkheid om hun geschil voor te leggen aan arbiters die (bouw)technische kennis en ervaring hebben. Met name in complexe geschillen kan het voorleggen van het geschil aan een scheidsgerecht met kennis van zaken bevorderlijk zijn voor de kwaliteit van de geschilbeslechting (en daarmee de aanvaardbaarheid van de uitspraak voor partijen): door hun bouwkundige vakkennis doorzien arbiters vaak beter dan een gewone rechter wat er tijdens de bouw is misgegaan.

Waarborgsom en kosten

In sommige gevallen kan arbitrage goedkoper uitpakken dan procederen bij de gewone rechter maar dit is doorgaans niet het geval. De eisende partij zal voordat de procedure in behandeling wordt genomen eerst een waarborgsom moeten betalen. Hiervan worden de kosten die de RvA maakt, het honorarium van de arbiters en de secretaris voldaan. Deze kosten komen uiteindelijk ten laste van de partij die in het ongelijk wordt gesteld. Hoewel bij arbitrage vertegenwoordiging door een advocaat niet verplicht is, laten partijen – zeker als het geschil een groot financieel belang betreft- zich meestal bijstaan door juristen/advocaten.

Raad van Arbitrage voor de Bouw

Veruit de meeste geschillen die aan arbitrage zijn onderworpen in de bouw worden behandeld door de Raad van Arbitrage voor de Bouw (afgekort tot RvA). De RvA fungeert eigenlijk als een secretariaat die de partijen en de arbiters onder meer behulpzaam is bij kwesties als benoeming van de arbiters, coördinatie en organisatie van de procedure en de administratie van alle relevante stukken. Het geschil zelf wordt niet door de RvA beoordeeld, maar door de arbiters die op de lijst van de RvA zijn opgenomen.

Overeenkomst tot arbitrage

Als partijen hun geschil wensen te onderwerpen aan arbitrage zullen zij in een overeenkomst tot arbitrage hiervoor een verwijzing moeten opnemen (ook wel arbitragebeding genoemd). De keuze voor arbitrage bij de Raad voor Arbitrage van de Bouw wordt meestal gemaakt in de (koop-/)aannemingsovereenkomst, de algemene voorwaarden die daarop van toepassing zijn verklaard of een ander contractstuk. Door arbitrage overeen te komen sluiten partijen de bevoegdheid van de gewone rechter uit. Het geschil moet dus aan de RvA worden voorgelegd (behoudens enkele uitzonderingen). De overeenkomst tot arbitrage kan ook zijn opgenomen in een apart document van later datum, zelfs na het ontstaan van het geschil (zogenaamde ad hoc arbitrage).

Onbevoegdheid Raad van Arbitrage

Als er geen schriftelijke keuze is gemaakt voor arbitrage maar een partij stelt toch een eis in bij de Raad, is de Raad in principe onbevoegd. De eiser kan dan niet-ontvankelijk worden verklaard. De verweerder in de procedure moet wel een beroep op deze onbevoegdheid doen want de Raad toetst dit niet ambtshalve. Indien echter de bevoegdheid van de Raad van Arbitrage voor de Bouw wordt betwist, kan de overeenkomst tot arbitrage uitsluitend worden bewezen door middel van een geschrift.

Procederen bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw

Een procedure bij de Raad van Arbitrage wordt schriftelijk aanhangig gemaakt met een Memorie van Eis of een Verzoekschrift. Er zijn verschillende procedures: een gewone bodemprocedure, spoedbodemprocedure en het kort geding. De procedure verloopt redelijk gelijk aan een normale rechtbankprocedure. De verweerder krijgt gelegenheid om van antwoord te dienen en meestal volgt hierop een mondelinge behandeling.

Benoeming arbiters

Het staat partijen vrij om zelf het scheidsgerecht te benoemen. Zij kunnen door middel van een gemeenschappelijk verzoek hiertoe doen. Doen zij dit niet dan wijst de RvA de arbiters aan. Bij eenvoudige geschillen wordt doorgaans één arbiter aangewezen, bij complexere geschillen drie.

Arbitraal vonnis is bindend

De uitspraak van de RvA heet arbitraal vonnis en is net zo bindend voor partijen als een gewone uitspraak. Om het vonnis te executeren zal de in het gelijk gestelde partij wel eerst de rechtbank een verlof tot tenuitvoerlegging moeten vragen. Deze “exequatur procedure” is normaliter slechts een formele procedure. De rechter toetst slechts marginaal het vonnis en zal de zaak niet opnieuw beoordelen.