De levensloop van een 403-verklaring – deel 3: het intrekken

Xagan Heerbaart Xagan Heerbaart 15 juli 2026 4 min

In het kort

  • Intrekking van de 403-verklaring beëindigt alleen de aansprakelijkheid voor toekomstige rechtshandelingen.
  • De overblijvende aansprakelijkheid voor het verleden eindigt pas wanneer aan vier cumulatieve voorwaarden van artikel 2:404 lid 3 BW is voldaan.
  • Een valkuil is de "vergeten intrekking": na verkoop van de dochter blijft de moeder anders aansprakelijk voor nieuwe schulden van een vennootschap die niet meer van haar is.

Van de verklaring af: makkelijker gezegd dan gedaan

De dochter wordt verkocht, verplaatst binnen de groep, of dreigt failliet te gaan. De moeder wil van haar aansprakelijkheid af. Eén handtekening en een depot bij de Kamer van Koophandel? Was het maar zo eenvoudig. Intrekken kan – maar het verleden laat zich niet zomaar afschudden. Advocaat ondernemingsrecht Xagan Heerbaart licht toe hoe u een 403-verklaring beëindigt en welke aansprakelijkheid blijft hangen.

Twee stappen: intrekken én opheffen

De wet (artikel 2:404 BW) onderscheidt twee zaken die in de praktijk vaak door elkaar lopen. De intrekking voor de toekomst (lid 1-2) beëindigt de aansprakelijkheid voor rechtshandelingen die de dochter aangaat ná het moment waarop tegenover de schuldeiser een beroep op de intrekking kan worden gedaan. De opheffing van de overblijvende aansprakelijkheid voor het verleden (lid 3-6) ziet op rechtshandelin

gen van vóór dat moment; die aansprakelijkheid blijft bestaan en eindigt alleen via een afzonderlijke procedure. Kortom: intrekken stopt de klok voor nieuwe verplichtingen, voor reeds aangegane verplichtingen is meer nodig.

Stap 1 – Intrekken: hoe en vanaf wanneer

Intrekken gebeurt door een daartoe strekkende verklaring te deponeren bij het handelsregister. Beslissend is echter niet het depot zelf, maar het moment waarop tegenover een schuldeiser een beroep op de intrekking kán worden gedaan. Op grond van de Handelsregisterwet 2007 kan dat in beginsel niet tegen een derde die onkundig is van de intrekking, zolang het depot – en, waar vereist, de bekendmaking (voor een NV of BV in de Staatscourant) – niet heeft plaatsgevonden. Tussen depot, bekendmaking en werking jegens derden kan dus tijd zitten; houd daar rekening mee, zeker rond een overdracht. Let ook op de doorloop: schulden uit eerder aangegane duurovereenkomsten, zoals een huur- of arbeidsovereenkomst, blijven onder de verklaring vallen, ook als zij pas ná de intrekking opkomen.

Stap 2 – De overblijvende aansprakelijkheid opheffen

Voor het verleden geldt een zelfstandige opheffingsprocedure, die pas kan worden doorlopen nadat de verklaring rechtsgeldig is ingetrokken. Artikel 2:404 lid 3 BW stelt vier cumulatieve voorwaarden; ontbreekt er één, dan blijft de moeder aansprakelijk:

  1. de dochter behoort niet meer tot de groep (de groepsband is verbroken);
  2. van de moeder heeft ten minste twee maanden een mededeling van het voornemen tot beëindiging ter inzage gelegen bij het handelsregister;
  3. sinds de aankondiging in een landelijk verspreid dagblad – dat en waar die mededeling ter inzage ligt – zijn ten minste twee maanden verstreken;
  4. er is geen tijdig verzet gedaan, of het verzet is ingetrokken dan wel bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak ongegrond verklaard.

Pas wanneer cumulatief aan alle vier is voldaan, eindigt de overblijvende aansprakelijkheid van rechtswege. Of de procedure (het depot en de aankondiging) ook al vooruitlopend op het vertrek van de dochter mag worden gestart, is omstreden. De heersende leer neemt aan dat dit mag, omdat de wet geen dwingende volgorde voorschrijft; een minderheid leest in de wet dat de groepsband eerst verbroken moet zijn.

Het verzetrecht van de schuldeisrer

Tot twee maanden na de aankondiging kan een schuldeiser bij verzoekschrift in verzet komen en zekerheid voor zijn vordering verlangen. Stelt de moeder die zekerheid niet, dan kan de rechter het verzet gegrond verklaren. Dit geldt niet als de schuldeiser al voldoende waarborgen heeft.

Een valkuil: de “vergeten intrekking”

Soms gaat het mis bij de verkoop van een dochter: de aandelen worden overgedragen en de groepsband verbroken, maar de 403-verklaring wordt vergeten in te trekken. De voormalige moeder blijft dan hoofdelijk aansprakelijk voor schulden uit rechtshandelingen die de verkochte dochter aangaat, óók ná de overdracht en soms nog jarenlang. Slechts bij uitzondering is een beroep van een schuldeiser op zo’n vergeten verklaring onaanvaardbaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid. Van belang zijn onder meer of de schuldeiser wist of behoorde te weten dat de moeder de intrekking was vergeten, of hij inmiddels tot de nieuwe groep van de dochter behoort en hoe lang de groepsband al verbroken is.

Advocaat voor advies bij intrekking en herstructurering

Staat u voor een overname of herstructurering waarbij een 403-verklaring moet worden ingetrokken, of wilt u een structuur opschonen? Neem gerust contact met ons op.

Dit is het derde en laatste deel van deze reeks over de levensloop van een 403-verklaring. In het eerste deel bespraken wij het afgeven en de voorwaarden; in het tweede deel het aanspreken van de moeder.

Xagan Heerbaart

Xagan Heerbaart

Advocaat bij AMS Advocaten

Xagan Heerbaart is advocaat bij AMS Advocaten, gespecialiseerd in ondernemingsrecht. Zij studeerde af aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en heeft ervaring met procedures bij de Ondernemingskamer. Xagan adviseert en procedeert in aandeelhoudersgeschillen, post-M&A-geschillen en enquêteprocedures.

Bekijk het profiel van Xagan