In een recente uitspraak diende een voormalig bestuurder van een inmiddels failliete zorginstelling een omvangrijke ontslagvergoeding van ruim 189.000 euro in bij de curator. De curator betwiste toelating van de vordering en kwam met een tegenvordering. Partijen troffen elkaar in een renvooiprocedure. Advocaat insolventierecht Sander Schouten legt uit.
Renvooiprocedure: moet curator de vordering toelaten?
Bij een discussie tussen een curator en een schuldeiser over het bestaan of de omvang van een door deze schuldeiser ingediende vordering kan de rechter-commissaris besluiten partijen te verwijzen naar een zogenoemde renvooiprocedure. In essentie draait het in deze procedure om de vraag of een curator de vordering moet toelaten in het faillissement en voor welk bedrag.
Toelating niet opeisbare vordering
Een bestuurder van een zorginstelling sloot ruim een jaar voor faillissement een vaststellingsovereenkomst met de instelling op grond waarvan de bestuurder een beëindigingsvergoeding (een jaarsalaris) kreeg toegekend met ingang van januari 2012. De zorginstelling failleerde echter in december 2011. De vordering kon toch worden ingediend. Nu de vordering binnen een jaar na faillissement zou vervallen wordt deze, op grond van artikel 131 lid 2 Fw behandeld alsof zij op het moment van de faillietverklaring opeisbaar was.
Pauliana: curator vernietigt vordering
De curator vernietigde de overeenkomst gezien de nijpende financiële situatie waarin de zorginstelling zich bevond ten tijde van het toekennen en aanvaarden door de bestuurder van de omvangrijke vergoeding. Deze vernietiging baseert de curator op artikel 42 Fw, de faillissementspauliana, en wegens strijd met de goede zeden en/ of de openbare orde. De rechtbank moet dit verweer beoordelen aangezien een toewijzing daarvan essentieel is voor de vraag of de vordering moet worden toegelaten in het faillissement.
Faillissementspauliana of strijd met goede zeden?
Een beroep op artikel 42 Fw, de faillissementspauliana, wordt afgewezen. De vergoeding kan niet worden aangemerkt als onverplichte rechtshandeling, maar wordt geacht te volgen uit de arbeidsovereenkomst. Vervolgens wordt de vergoeding, om te bezien of er dan strijd is met goede zeden of openbare orde, beoordeeld naar het tijdstip waarop deze is verricht; de totstandkoming van de overeenkomst in 2011.
Wet normering bezoldiging publieke sector pas sinds 2013
Op dat punt oordeelt de rechtbank dat toekenning van een jaarsalaris (overigens ruim € 189.000,-) bij beëindiging van een dienstverband van meer dan tien jaar niet kan worden aangemerkt als een onzedelijke prestatie. Dit was mogelijk anders geweest indien deze overeenkomst in 2013 tot stand was gekomen gezien de inwerkingtreding van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector welke pas vanaf 1 januari 2013 in werking is getreden. De bestuurder werd in het gelijk gesteld, de curator moet de vordering in het betreffende faillissement erkennen.
Advocaat gespecialiseerd in faillissementsrecht
AMS Advocaten heeft ruime ervaring op het gebied van het faillissements- en ondernemingsrecht. Wij adviseren en procederen met regelmaat voor bestuurders, crediteuren en curatoren. Heeft u vragen over het indienen of de erkenning van vorderingen in een faillissement neem dan gerust contact met ons op.