Aanleiding
Afgelopen vrijdag 29 mei 2026 wees de Hoge Raad een arrest over de vraag of de Ontvanger onrechtmatig kan handelen jegens een derde die door een curator aansprakelijk wordt gehouden voor – volgens die derde – onjuiste belastingschulden van de failliet.
Peeters/Gatzen-vordering
Een curator kan een derde aansprakelijk stellen als hij onrechtmatig heeft gehandeld jegens de gezamenlijke crediteuren van de failliet (de zogeheten Peeters/Gatzen-vordering). In de zaak die tot dit arrest heeft geleid, had de curator dat met succes gedaan. Een betrokkene bij een eerder herstructureringstraject werd op die grondslag aansprakelijk gehouden. De schade bestond grotendeels uit niet betaalde belastingschulden van de failliet. De derde meent dat die belastingschulden onjuist zijn.
Formele rechtskracht
Belastingschulden komen in principe vast te staan als daartegen geen succesvol bezwaar en/of beroep wordt ingesteld. In het civiele recht kan de juistheid van die belastingschulden dan niet zomaar ter discussie worden gesteld. Dit wordt ook wel de formele rechtskracht genoemd.
Ondanks formele rechtskracht wel toegang tot civiele rechter
Een derde die rechtstreeks door de Ontvanger aansprakelijk wordt gesteld voor belastingschulden van een ander, heeft wél de mogelijkheid om de materiële verschuldigdheid van de belasting bij de civiele rechter te betwisten indien tegen de betrokken belastingaanslagen voor hem niet een met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgang heeft opengestaan.
Daarnaast kan een derde die naast de Ontvanger verhaal zoekt op dezelfde vermogensbestanddelen van een schuldenaar, de materiële verschuldigdheid van belastingschulden ter discussie stellen indien voor hem niet een met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgang heeft opengestaan. Bijzonder is dat de Hoge Raad met dit oordeel terugkomt op een eerder arrest van 9 september 2011 (Dumatrust/Ontvanger).
Als derde aansprakelijk voor onjuiste belastingschulden van de failliet?
In deze zaak speelde net iets anders: de betrokkene werd niet rechtstreeks door de Ontvanger aangesproken en er was ook geen sprake van concurrerend verhaal. Maar: indirect – via de door de curator gestarte aansprakelijkheidsprocedure – kwamen de belastingschulden van de failliet alsnog voor rekening van de aansprakelijk gestelde derde.
De aansprakelijk gestelde derde meent dat de belastingschulden onjuist zijn. Dit had hij in de procedure tegen de curator tevergeefs aangevoerd. Daarnaast had hij de Ontvanger verzocht om de belastingaanslagen buiten invordering te stellen. Dat verzoek werd grotendeels afgewezen. In deze procedure probeert de derde dat alsnog af te dwingen en daarnaast vordert hij vergoeding van schade die de Ontvanger zou hebben veroorzaakt (op grond van onrechtmatige daad).
Ontvanger kan onrechtmatig handelen
De Hoge Raad maakt duidelijk dat de rechtspositie van iedere partij primair in de oorspronkelijke verhouding beoordeeld te worden. Uitgangspunt blijft dat degene die meent een vordering op een failliet te hebben, die vordering mag indienen, waarna de vordering in die verhouding (door de curator) moet worden beoordeeld. En ook de derde moet in beginsel vooral verweer voeren ten opzichte van zijn wederpartij: de curator die hem aansprakelijk stelt. In dat verband kan hij aanvoeren dat de curator de belastingschuld had moeten bestrijden, en als hij meent dat de curator dat ten onrechte niet gedaan heeft, dat het daardoor veroorzaakte nadeel voor rekening van de boedel moet blijven.
Desalniettemin kan de Ontvanger onrechtmatig handelen ten opzichte van de derde als hij de onjuiste belastingschulden in het faillissement indient of de eerdere indiening handhaaft, in het bijzonder als de Ontvanger is gevraagd om de belastingschuld buiten invordering te stellen en hij in redelijkheid niet kon oordelen dat de belastingschulden daadwerkelijk verschuldigd waren. De lat (voor het aannemen van onrechtmatigheid) ligt niet zo hoog dat een volledige toetsing van de belastingaanslagen moet plaatsvinden.
Marleen Jonckers
Advocaat bij AMS Advocaten
Marleen Jonckers is advocaat en curator bij AMS Advocaten, gespecialiseerd in insolventierecht. Zij begon haar carrière bij Stibbe en werkte in de herstructureringspraktijk van Milbank in Londen. Marleen voltooide de INSOLAD/Grotius-specialisatieopleiding Insolventierecht (cum laude) en is docent bij de Law Firm School. Zij is lid van INSOLAD, de NVvH en INSOL Europe.
Bekijk het profiel van Marleen