Beperkte uitleg bij afwijkende partijafspraak ontslag statutair bestuurder

Sander Schouten Sander Schouten 11 januari 2023 4 min

In het kort

  • Uit de 15-aprilarresten volgt dat een vennootschapsrechtelijk ontslag van een statutair bestuurder ook het einde van de arbeidsovereenkomst als werknemer met de vennootschap betekent, tenzij er sprake is van een opzegverbod of een afwijkende afspraak tussen partijen.
  • Een afwijkende partijafspraak moet beperkt worden uitgelegd als er geen expliciete wilsovereenstemming is van de werknemer om zijn arbeidsovereenkomst voort te zetten na zijn ontslag als statutair bestuurder.
  • In deze werd geconcludeerd dat er geen wilsovereenstemming was en dat de toezegging in het addendum, dat gekoppeld was aan het statutair bestuurderschap, niet betekende dat de arbeidsovereenkomst zou blijven bestaan na het ontslag als statutair bestuurder. Een billijke vergoeding werd toegekend aan de CFO.

Een bevoegd orgaan kan een statutair bestuurder van een besloten vennootschap ontslaan door middel van een geldig ontslagbesluit. Uit de zogenaamde 15-aprilarresten volgt dat een vennootschapsrechtelijk ontslag ook beëindiging van de arbeidsovereenkomst van de statutair bestuurder als werknemer met de vennootschap tot gevolg heeft, behalve als er sprake is van een opzegverbod of een afwijkende afspraak tussen partijen. Zo’n afwijkende partijafspraak moet volgens deze uitspraak van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch beperkt worden uitgelegd als niet expliciet is gebleken van wilsovereenstemming van de werknemer met het voortduren van zijn arbeidsovereenkomst na zijn ontslag als statutair bestuurder. In de zaak speelde het volgende.

Toezegging in addendum

De statutair bestuurder is bij de vennootschap begonnen als assistent controller en heeft zich in tien jaar opgewerkt tot statutair bestuurder in de functie van CFO. Daarna zijn de vennootschap en de CFO in een addendum bij de arbeidsovereenkomst een toezegging aangegaan voor een periode van zes jaar die inhoudt dat de arbeidsovereenkomst niet door partijen mag worden opgezegd, behalve bij een dringende reden.

Ontslag statutair bestuurder

Eind 2020 wordt de CFO door de AVA ontslagen als statutair bestuurder. Daarbij wordt hem de functie van corporate controller aangeboden met behoud van zijn arbeidsvoorwaarden. De CFO wil dit niet, stopt direct met zijn werkzaamheden en stelt zich op het standpunt dat met het vennootschapsrechtelijk ontslag ook zijn arbeidsovereenkomst is geëindigd. De vennootschap vindt echter dat met de toezegging in het addendum de arbeidsovereenkomst is blijven bestaan. De CFO vraagt bij de rechtbank om onder meer een billijke vergoeding vanwege het ontbreken van een redelijke ontslaggrond. De rechtbank geeft de CFO gelijk met toekenning van een billijke vergoeding, de wettelijke transitievergoeding en een vergoeding in verband met onregelmatige opzegging van de vennootschap. De vennootschap gaat tegen deze beslissing in hoger beroep.

15-aprilarresten van toepassing

Het Hof stelt vast dat de werknemer ten tijde van het ontslagbesluit statutair bestuurder was en dat de 15-aprilarresten van toepassing zijn. De toezegging in het addendum betekent niet dat de arbeidsovereenkomst niet kan worden beëindigd, aldus het Hof. In deze zaak is daarbij van belang dat de vennootschap heeft gehandeld alsof de arbeidsovereenkomst was geëindigd en dat de advocaat van de CFO heeft bevestigd dat de vennootschap de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd. Het Hof geeft in overweging dat afwijking van het uitgangspunt van de 15 april-arresten impliciet aan de orde kan zijn, bijvoorbeeld door uitlatingen van partijen of andere gedragingen. Dat is in deze zaak niet het geval.

Expliciete overeenstemming vereist

Het Hof overweegt dat pas van een afwijkende afspraak kan worden gesproken als partijen daarover expliciet overeenstemming bereiken. Ook daarvan is in deze kwestie geen sprake. Dat de CFO volgens de vennootschap de nieuwe functie in redelijkheid niet had mogen weigeren is irrelevant, aldus het Hof. Hij mocht die functie, die feitelijk degradatie inhield, weigeren. Een zwaarwichtig bedrijfsbelang van de vennootschap of aantoonbaar disfunctioneren van de CFO was niet aan de orde, zodat een eenzijdige wijziging van het addendum door de vennootschap niet mogelijk was.

Geen wilsovereenstemming

In deze zaak is relevant dat de bestuurder niet heeft ingestemd met het voortduren van de arbeidsrelatie en dat daarmee geen sprake was van wilsovereenstemming. De toezegging in het addendum doet daaraan niet af omdat die was gekoppeld aan het statutair bestuurdersschap van de CFO. Uit de tekst van het addendum, waarin was vermeld dat het hier ging om de invulling van de positie van Financieel Directeur, kon volgens de CFO worden afgeleid dat het niet de bedoeling van partijen was dat hij na het ontslag als statutair bestuurder in een andere rol dan CFO bij de vennootschap in dienst zou blijven. Daarmee kon ook niet worden gezegd dat er een afwijkende partijafspraak was en dus wilsovereenstemming. Het Hof geeft de CFO hierin gelijk en kent hem een billijke vergoeding toe.