Koerswijziging Hoge Raad inzake aansprakelijkheid stille vennoot CV
De functie van een commanditaire vennoot (stille vennoot) in een CV is zeer beperkt: hij brengt geld in. Daarom is hij –behalve zijn inbreng- ook niet aansprakelijk voor schulden van de vennootschap. De dagelijkse leiding van de onderneming (het beheer) is de taak van de beherende vennoot. Sterker nog, het is de commanditaire vennoot wettelijk verboden om beheershandelingen te verrichten. Doet hij dit toch, dan wordt hij hoofdelijk aansprakelijk voor alle schulden van de onderneming. Over de toepassing van deze zware sanctie heeft de Hoge Raad onlangs een belangrijk arrest gewezen. Advocaat ondernemingsrecht Hidde Reitsma legt uit.
Commanditaire vennoten tekenen huurovereenkomst
In deze zaak ging het om een CV waarbij twee ouders commanditaire vennoten waren en hun zoon de beherende vennoot. Bij twee gelegenheden hebben zij een overeenkomst namens de CV getekend: een huurovereenkomst en een huurbeëindigingsovereenkomst. Beide overeenkomsten waren getekend met dezelfde wederpartij, namelijk de verhuurder. Deze verhuurder heeft de onderneming op een goed moment overgenomen waardoor een vordering de CV ontstond. Verhuurder heeft de commanditaire vennoten in een procedure aangesproken om deze vordering te voldoen. De commanditaire vennoten voerden aan dat zij niet aansprakelijk konden worden gehouden voor schulden van de CV.
Artikel 20 WvK: verbod om beheersdaden te verrichten
De zaak werd in hoger beroep aan het hof voorgelegd. Vooropgesteld wordt dat artikel 20 van het Wetboek van Koophandel (WvK) restricties ten aanzien van de commanditaire vennoot regelt. Deze zijn als volgt:
– de naam van de commanditaire vennoot mag niet worden gebruikt in de firmanaam;
– een commanditaire vennoot mag geen beheersdaden verrichten;
– een commanditaire vennoot is slechts aansprakelijk voor het bedrag dat hij heeft ingebracht.
Artikel 21 bepaalt vervolgens dat als een commanditaire vennoot de hiervoor genoemde regels –waaronder het beheersverbod- overtreedt, hij hoofdelijk aansprakelijk wordt jegens alle schulden en verplichtingen van de onderneming.
Schending beheersverbod: hoofdelijke aansprakelijkheid
Het hof stelt vast dat het tekenen van de huurovereenkomst en de beëindigingsovereenkomst aan te merken valt als een beheersdaad. De sanctie hierop is dat de commanditaire vennoten dus inderdaad hoofdelijk aansprakelijk zijn geworden jegens de verhuurder voor de schuld. Het feit dat verhuurder wist dat de ouders geen beherende maar commanditaire vennoten waren, doet aan de toepassing van deze sanctie niet af.
Hoge Raad komt terug op arrest Walvius uit 1943
De Hoge Raad kan zich niet vinden in de wijze waarop het hof deze sanctie heeft toegepast. De overweging dat het niet uitmaakt of een wederpartij wist dat hij ten tijde van het verrichten van de (verboden) beheersdaad te maken had met commanditaire vennoten en niet met beherende vennoten, volgt uit een uitspraak van de Hoge Raad in 1943. De Hoge Raad komt nu terug van dit oordeel. De sanctie neergelegd in artikel 21 WvK strekt ertoe te voorkomen dat commanditaire vennoten die op een van de in artikel 20 WvK vermelde manieren (o.a. het verrichten van een beheersdaad) onduidelijkheid laten ontstaan over hun rechtspositie in de vennootschap, zich zouden kunnen onttrekken aan de aansprakelijkheid die de wet voorziet voor de gewone vennoten.
Ratio sanctie: duidelijkheid hoedanigheid vennoot
Zonder deze sanctie zou een commanditaire vennoot die zich voordoet als beherend vennoot misbruik kunnen maken van de beperkte aansprakelijkheid die verbonden is aan een commanditaire vennoot. De sanctie is zwaar. De commanditaire vennoot is aansprakelijk jegens alle schuldeisers van de vennootschap voor alle verbintenissen van de vennootschap ook die welke zijn ontstaan voor het tijdstip waarop het verbod is overtreden.
Kennis wederpartij omtrent hoedanigheid wel relevant
In deze zaak wist de verhuurder dat hij niet met de beherende vennoot te maken had. De commanditaire vennoten hebben door het overtreden van het verbod niet een onjuiste indruk gewekt over hun hoedanigheid. Deze omstandigheid moet daarom wel worden betrokken bij de vraag of de sanctie van artikel 21 WvK moet worden toegepast. Het arrest van het hof wordt vernietigd en nieuwe rechtspraak is geboren.