De Ondernemingskamer doorbreekt deadlock in 50/50 joint venture door benoeming van een onafhankelijk bestuurder
In het kort
- De Ondernemingskamer grijpt in bij een 50/50-patstelling in een internationale joint venture.
- Een onafhankelijk bestuurder krijgt de doorslag om de impasse te doorbreken.
- Ook bij buitenlandse joint ventures kan een Nederlandse holding aanleiding zijn voor ingrijpen.
Impasses tussen aandeelhouders met gelijke zeggenschap behoren tot de meest voorkomende geschillen bij de Ondernemingskamer. Dat zien wij vaak bij gebrouilleerde broers, maar het speelt ook bij internationale joint ventures met een Nederlandse holding. Uit een recente uitspraak blijkt dat de Ondernemingskamer ook in die gevallen bereid is de patstelling te doorbreken. Advocaat ondernemingsrecht Onno Hennis licht de uitspraak toe.
Achtergrond
De zaak draait om Emberock, een Nederlandse houdstervennootschap die voor 50% in handen is van de Tsjechische investeringsmaatschappij Seven en voor 50% van HY, onderdeel van het Chinese staatsbedrijf CHG. Emberock houdt middellijk een 50%-belang in de Engelse vennootschap OzGen, waarvan de andere 50% eveneens in handen is van CHG (via USDL). OzGen houdt alle aandelen in het Australische Genuity, dat een energiecentrale in Queensland exploiteert.
Aandeelhoudersovereenkomst
Partijen hebben een aandeelhoudersovereenkomst (SHA) gesloten, maar opvallend genoeg uitsluitend op het niveau van OzGen. Genuity en Emberock zijn geen partij bij de SHA en zijn daar formeel niet aan gebonden. De SHA verplicht OzGen weliswaar de statuten van groepsentiteiten, waaronder Genuity in lijn te brengen met de SHA, maar dat is nooit gebeurd.
Gebrekkige governance
Dat wreekt zich wanneer partijen van mening verschillen over de koers binnen de groep en Seven naleving van de SHA eist. Genuity heeft namelijk (i) een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten waardoor de loonkosten met meer dan 30% zijn gestegen, en (ii) een herfinancieringstraject in gang gezet. Beide besluiten vallen onder de reserved matters in de SHA, die voorafgaande goedkeuring van de aandeelhouders van OzGen vereisen. HY stelt echter dat die goedkeuringsrechten niet gelden: ze zijn nooit in de statuten van Genuity verankerd, en het bestuur van Genuity heeft openlijk aangekondigd zich daar niet aan gebonden te achten.
Deadlock
Dit probleem kan ook niet op een hoger niveau worden gerepareerd. Emberock heeft geen statutaire bestuurders meer, en de commissarissen (de helft op voordracht van Seven, de helft op voordracht van HY) die in hun plaats optreden, komen er niet uit. Op de aandeelhoudersvergadering van augustus 2025, waarop Seven implementatie van de SHA-rechten op het niveau van Genuity had geagendeerd, stemde HY tegen. Doordat in alle organen de stemmen staken, blijft de situatie zoals zij is.
Enquêteprocedure
Daarop start Seven een enquêteprocedure. Zij stelt dat er gegronde redenen zijn voor twijfel: Emberock kan haar zeggenschapsrechten niet effectueren terwijl Genuity ingrijpende besluiten neemt zonder aandeelhoudersgoedkeuring. HY werpt tegen dat het verzoek in werkelijkheid een strategie is om een feitelijk vetorecht (op het niveau van Genuity) af te dwingen.
Oordeel Ondernemingskamer
De Ondernemingskamer volgt Seven. Zij stelt voorop dat het belang van Emberock – een vennootschap die uitsluitend bestaat om haar middellijk belang in Genuity te beheren – meebrengt dat zij de haar toekomende zeggenschapsrechten uitoefent en ingrijpt wanneer dochtervennootschappen nalaten de governance-afspraken te effectueren. Nu een patstelling is ontstaan, vindt geen besluitvorming meer plaats. Dat levert gegronde redenen op voor twijfel aan een juist beleid.
Als onmiddellijke voorzieningen benoemt de Ondernemingskamer een tijdelijk bestuurder met een doorslaggevende stem en zelfstandige vertegenwoordigingsbevoegdheid, en stelt zij het goedkeuringsrecht van de raad van commissarissen ten aanzien van het stemrecht op aandelen in dochtervennootschappen buiten werking.
Lessen voor de praktijk
Deze uitspraak bevat belangrijke lessen voor de praktijk. Ten eerste blijkt wederom dat, indien een samenwerking is vastgelopen, de Ondernemingskamer bereid en in staat is om in te grijpen bij een Nederlandse houdstermaatschappij, ook als zij slechts een schakel is in een verder volledig buitenlandse structuur. Ten tweede doen partijen er goed aan om bij aanvang van de samenwerking niet alleen ervoor te zorgen dat de afspraken daarover zorgvuldig worden vastgelegd, maar ook dat alle relevante partijen in de structuur daaraan gebonden zijn. Ten derde vraagt een 50/50 joint venture om een duidelijke impasse-regeling. Bij een fundamenteel verschil van inzicht legt een gelijkwaardige structuur de vennootschap volledig lam met de enquêteprocedure als enige uitweg.
Onno Hennis
Advocaat bij AMS Advocaten
Onno Hennis is advocaat en leidt de sectie ondernemingsrecht bij AMS Advocaten. Hij heeft meer dan 15 jaar ervaring en is als expert verbonden aan BusinessInsider.nl. Daarnaast deelt hij regelmatig zijn visie in landelijke media, waaronder bij Op1 en BNR Nieuwsradio.
Bekijk het profiel van Onno