Een veel voorkomende discussie in de rechtszaal: mag iemand een onderneming drijven onder een handelsnaam die al reeds gebruikt wordt door een ander? In een recente uitspraak onderzoekt de rechtbank of de gedaagde partij inbreuk heeft gemaakt op het handelsnaamrecht van de eiser. Advocaat handelsnaamrecht Hidde Reitsma bespreekt de zaak en legt uit wanneer sprake is van inbreuk en hoe een handelsnaam te beschermen.
Gedaagde start bedrijf met dezelfde naam eiseres
De eiseres in deze zaak is een trainingsbureau genaamd ‘Spruit ICT’. Zij voert sinds 1981 o.a. de handelsnaam “Spruit in Company”. In 2011 is de onderneming van gedaagde opgericht. Gedaagde richt zich ook op trainingen. Een jaar na oprichting heeft gedaagde het woordmerk “Spruitt” gedeponeerd bij het Benelux Merkenbureau en is zij de handelsnaam “Spruitt” gaan voeren.
Advocaat IE-recht bij handelsnaam beschermen
Eiseres heeft een in intellectueel eigendomsrecht gespecialiseerde advocaat ingeschakeld die gedaagde heeft gesommeerd het gebruik van de handelsnaam “Spruitt” te staken. Gedaagde verandert hierop de naam in “Splintt”. Maar de domeinnaam spruitt.nl en het e-mailadres “@spruitt.nl” bleef nog in gebruik. Bezoekers van de website worden wel doorgelinkt naar www.splintt.nl. In de rechtbankprocedure vordert eiseres daarom een verklaring voor recht dat gedaagde inbreuk heeft gemaakt op haar handelsnaamrechten. Voorts vordert zij dat gedaagde wordt bevolen iedere inbreuk verder te staken. Tot slot eist eiseres (een voorschot op de) schadevergoeding.
Inbreuk: bijna identieke handelsnaam en verwarringsgevaar
Voorop staat dat eiseres al eerder de handelsnaam ‘Spruit’ voerde. In principe biedt de Handelsnaamwet bescherming aan een onderneming tegen het gebruik van dezelfde of een sterk lijkende handelsnaam door een andere onderneming. Er moet dan wel sprake zijn van verwarringsgevaar tussen de ondernemingen bij het publiek. De rechter in deze zaak is van oordeel dat de handelsnamen in kwestie slechts in geringe mate van elkaar afwijken. Zeker nu deze namen op exact dezelfde wijze worden uitgesproken. Zij is voorts van mening dat er sprake is van verwarringsgevaar. Immers, partijen houden zich beide bezig met trainingen voor bedrijven. Het is dus aannemelijk dat het publiek (de doelgroep) ofwel denkt dat Spruitt en Spruit dezelfde onderneming zijn, ofwel dat de ondernemingen aan elkaar gelieerd zijn.
Sprake van voortdurende inbreuk op handelsnaamrecht
De rechtbank oordeelt dat gedaagde in ieder geval vanaf juni 2012 tot aan maart 2013 onrechtmatig hebben gehandeld jegens eiseres. Wat betreft de instandhouding van de domeinnaam en het actief blijven van de mailadressen, is de rechtbank van mening dat dit een voortdurende inbreuk op de handelsnaam van Spruit ICT betreft. Gedaagde wordt dan ook verboden om verder inbreuk te maken op straffe van een dwangsom. Zij zal dus de website geheel moeten platleggen en de mailadressen buiten gebruik moeten stellen.
Schadestaatprocedure: vaststelling van de schade
Wat betreft de schade is gedaagde voor de gehele inbreukmakende periode aansprakelijk jegens eiseres. Maar of eiseres daadwerkelijk schade heeft geleden kan de rechtbank in deze procedure niet beoordelen. Daarom wordt gedaagde veroordeelt voor vergoeding van de schade “nader op te maken bij staat”. Dit betekent dat eiseres een schadestaatprocedure aanhangig zal moeten maken waarin louter wordt beoordeeld of en hoe hoog de schade is die eiseres meent te hebben geleden.