Het komt nogal eens voor dat een rechtspersoon – zoals een BV of een stichting – is ontbonden (na turboliquidatie of na vereffening), maar dat een schuldeiser nog meent geld te vorderen te hebben van die vennootschap. Ook kan het voorkomen dat die rechtspersoon nog baten blijkt te hebben, zoals aandelen in een andere rechtspersoon, of onroerend goed. In al die omstandigheden kan het nodig zijn dat de rechtspersoon herleeft. Daarom kan de rechtbank worden verzocht om de vereffening van de rechtspersoon te heropenen.
Heropening vereffening: wanneer kan het?
Als zich na de ontbinding nog een schuldeiser meldt, een gerechtigde opkomt tot het saldo van de vereffening (zoals een aandeelhouder, of een belanghebbende bij de verdeling van het positieve vermogen van een stichting), of alsnog van het bestaan van een bate blijkt, kan de rechtbank op verzoek van een belanghebbende (bijvoorbeeld een schuldeiser of een aandeelhouder) de vereffening heropenen en daarbij zo nodig een vereffenaar benoemen. Dat volgt uit artikel 2:23c van het Burgerlijk Wetboek (BW). In dat geval herleeft de rechtspersoon voor de verdere afwikkeling van het vermogen. Indien gerechtigden te veel uit het saldo hebben ontvangen (zoals aandeelhouders) terwijl er nog schuldeisers waren die eerder betaald hadden moeten worden, kan de vereffenaar het te veel betaalde zelfs terugvorderen.
Een rechtspersoon heeft “het eeuwige leven”; verjaringstermijnen zijn verlengd.
Een probleem kan zijn dat gedurende de periode dat de vennootschap had opgehouden te bestaan vorderingen zijn verjaard – dat kan zowel betreffen vorderingen van de rechtspersoon op derden als vorderingen van derden op de rechtspersoon. De wet bepaalt voor dat geval dat gedurende de periode dat de vennootschap niet bestond, verjaringstermijnen worden verlengd: alle verjaringstermijnen die zouden aflopen tijdens het bestaan van de verlengingsgrond – de periode dat de rechtspersoon niet bestond – worden verlengd tot 6 maanden na het verdwijnen van die grond (lees: de heropening van de vereffening). Zo heeft een rechtspersoon dus eigenlijk het eeuwige leven: ook als deze jaren niet bestond kan deze herleven, en dan herleven haar baten en schulden ook.
Dit betekent dus ook dat vorderingen van een vennootschap op bijvoorbeeld (voormalige) bestuurders die de vennootschap berooid hebben achtergelaten en hebben ontbonden na heropening alsnog kunnen worden aangesproken, ook als de ontbinding al jaren geleden is.
Faillissement van een ontbonden rechtspersoon
Ook is het mogelijk om het faillissement aan te vragen van een rechtspersoon die is ontbonden. Zodra maar is voldaan aan de eisen dat sprake is van pluraliteit van schuldeisers en is gebleken van mogelijke baten, kan de rechtbank het faillissement van een ontbonden rechtspersoon uitspreken. Heropening van een vereffening daaraan voorafgaand is niet nodig. Indien na de heropening van de vereffening blijkt dat de schulden de baten overtreffen, dient hij zelfs faillissement aan te vragen.
Advocaat beschikbaar voor benoeming tot onafhankelijke vereffenaar
Indien u overweegt een rechtspersoon te heropenen en daarbij een onafhankelijke vereffenaar wenst te benoemen, dient bij de rechtbank in principe een voorstel te worden gedaan voor de persoon van de te benoemen vereffenaar. Indien u er een zoekt, kunt u daartoe contact opnemen met Hidde Reitsma.